De Aporie van het Nederlands politieke denken.

De Aporie van Nederlands politieke denken.
 

“Het zal wel een tijdsverschijnsel zijn, dat ik mij  begin te ergeren aan de “softe”houding en arrogantie, van zowel de “babyboomers”als wel de nieuwe generaties”, zegt de oude baas tegen zijn vrouw. Hij  beseft niet dat  de jongelui, die naast hem op het terras zitten,  in Argelés sur Mer, aan de Franse oostkust,  uit Nederland komen en gehoord hebben wat de oude baas tegen zijn vrouw heeft gezegd.  De jongeren zijn  vrolijk en drinken een biertje.
De jongens zijn ineens stil. Ze draaien zich om  in de richting van de oude baas en zijn  echtgenote.
“U ergert zich aan ons?” Zeggen ze in koor.
De oude baas was verrast door deze reactie en zei haastig:” Nu, mijn ergernis is gelukkig niet algemeen en ik merk ook dat geselecteerde groepen toch een vorm van het onmisbare conservatisme in de opvoeding hebben meegekregen. ” De jongens beginnen te lachen.

Ze kijken de oude baas aan en één van hen zegt:” Wat wilt U meneer. U bent zeker van vóór 1940. De tijden veranderen meneer, en,  alles is niet meer zoals vroeger.
Als Uw generatie naar het buitenland wilde gaan dan was dat alleen mogelijk als je tot de elite behoorde en genoeg verdiende om zo’n lange reis te kunnen betalen. Met de auto naar het buitenland reizen, was in de jaren 1930 tot 1955 al helemaal uitzonderlijk. Ik vraag me dan ook af waarom U zich ergert aan de jonge generatie. Wij hebben hard gewerkt om deze status te kunnen hebben.” De vrienden van de spreker begonnen luidkeels te lachen.

De oude baas keek de jongen eens rustig aan. Hij zag dat de andere jongelui begonnen te grinniken.  Ze dachten zeker dat hij door dat verbaal geweld geheel uit het veld was geslagen.
“Hoe zijn jullie hier gekomen? vraagt  hij rustig,  en hij vervolgt: “Ik denk dat jullie een goede opleiding hebben genoten en nu genieten van de privileges”. De olijkerd ging staan en zette zijn pet recht op zijn hoofd en zei: “Kees ,jij bent de verbale bolleboos. Ik geef jou het woord.” Kees ging staan en grinnikte  voor hij  begon hij te praten.
“Nou en  eh…. of, wij hebben zeker privileges.
Wij hebben een Saab 95 en een Mercedes 525 diesel.  Dat hebben we dan ook wel verdiend. Ik heb niet voor niets een post doctorale studie “management consultancy” afgemaakt, na eerst bedrijfskunde te hebben gestudeerd”. Kees ging weer zitten.

“Oh, ik neem aan dat U gestudeerd heeft aan Nijenrode aan de Vegt; ” Merkte de oude baas op.

Een  andere, wat tengere jongeman, begint de oude baas aan te spreken.  “U bent zeker leraar en U wilt  heel didactisch en  dociel een gesprek met jonge mensen omdat U kennelijk een beetje moeite heeft met de moderne jeugd.
U doet me denken aan mijn nu oude hoogleraar. Hij had ook  zo zijn generatieproblemen maar hij had, net als U,  een beschaafde vorm van spreken.”
De  oude baas interrumpeerde hem even.“Tja, dat zal het  zal wel zijn, een generatiekloof. Daaraan heb ik niet gedacht. O..,jé,  de tijd gaat heel snel en nieuwe generaties dienen zich aan.”
“Overigens, hoe heb je het geraden dat ik  leraar ben?” De jongen glimlacht.
“U bent nog echt van de oude stempel, en dat bevalt mij wel. U bent nog beheerst en  U neemt het leven nog ernstig en  dat kan ik van de tegenwoordige jeugd niet zeggen”, zegt de jongen. Hij  glimlacht, kijkt naar de anderen en pakt zijn biertje van de tafel.
“Ei, oei, Jan, je eigen generatie niet verloochenen, ”schreeuwt de jongeman met de scheve pet. De oudjes doen het kennelijk nog best zo te zien.”
“He, jongetje, niet zo slijmen bij ouderen, Jan,  ik zal eens wat zeggen”.
Hij neemt daarmee ook het gesprek over en kennelijk hebben de anderen daar geen enkele  moeite mee.

“De ouderen, de 80-ers, hebben  nog een beetje de gewoonten vanuit de middeleeuwen meegekregen. Dat heet nu  een “orthodoxe gewoonte”, zegt hij op vrolijke toon.
“Ze hebben er in het verleden ook maar een zootje van gemaakt  De tweede wereldoorlog is niet zo maar uit de lucht komen vallen en de elite was  goed opgeleid,  maar ze hadden  geen benul van een toen zeer hoog in aantal  analfabeten.  Men noemde zich- “Den beschaafden stand”, – zoals dat toen nog werd beleefd. Het was een klasse apart die zich vér boven de arbeidende  stand verheven voelde.  De vroegere elite heeft  rijkelijk geprofiteerd van goedkope arbeidskrachten.”
Een van de andere jongens ging staan en  zei dat hij  sociale geschiedenis heeft gestudeerd en met zijn biertje in de hand zei hij:
“De arbeidersstand was  tot  armoede  voorbestemd en dat was mens onterend. ” Hij nam een slokje van het bier en  vervolgde:  “ Belangrijke sociale wetten kwamen pas ná de tweede wereldoorlog tot stand en  er een sociaal vangnet ontstond  voor de  minder bedeelden én voor mensen die buiten hun schuld werkloos werden. In ieder geval vielen ze niet direct terug  in diepe armoede.
In 1957 was er  “de noodwet Drees”, nu de AOW, in 1967 kwam de WAO ( nu de WIA) en in 1976  kwam de AAW”. De Kinderbijslagwet is van 1962, zodat ook de minderbedeelden de kosten voor hun kinderen kunnen betalen zodat hun kinderen een goede kans kregen hun talenten te ontwikkelen.”

De leraar luisterde met ingehouden adem. Hij keek eens om zich heen en zag dat de jongelui nu weer ontspannen op hun stoel zaten.  Op het bier lag nog slechts een dunne laag schuim. Als de jongens het bier dronken keken ze daarna  met een hernieuwde glimlacht naar de oude baas.  Met opgeheven glas riepen ze in koor:” Proost meneer”.
Kennelijk hebben ze nog respect voor de ouderen, die ook in vroegere jaren  generaliserende  moeilijkheden kenden.  Veel uitvindingen zijn tussen de beide wereldoorlogen in productie gekomen en de verbeteringen in technieken volgden elkaar daarna ook heel snel op.

De  leraar keek de jongens aan, glimlachte en vroeg: ”Mag ik jullie iets vertellen? Het is zeker interessant, en aan het einde van mijn verhaal zullen jullie  merken dat  onze mening qua inhoud en de attitude niet zo ver van elkaar staan. Immers, de mens verandert niet. De moderne jeugd met een goede opleiding is zeker vatbaar voor wat meer conservatieve standpunten. Ik meen dat niemand daar zonder kan.”
De gezichten van de jongens klaarden helemaal op en de tengere jongeman nam weer het woord en zei, dat hij het zeer op prijs stelt het interessante aan te horen.
“Doet U maar alsof U  Uw studenten college geeft, “professor”.
De leraar glimlachte. Hij voelde zich weer de leraar voor de klas op het Gymnasium ook al noemden ze hem nu “professor”.
De leraar begint op een rustige en wat lacherige wijze aan zijn “college” en wint ook de sympathie van andere de jongelui aan de tafel. Hij gaat staan en kijkt naar de glazen bier op de tafel en geeft de ober opdracht nog maar eens in te schenken. De jongens lachen en hun lichaamstaal gaf aan dat er al enkele biertjes zijn genuttigd.

“Wat mij opvalt, zo begint hij,  is dat de menselijke verhoudingen nu anders zijn dan, laten we zeggen, zo’n zestig of zeventig jaar geleden.
De mensen stonden dichter bij de ons omgeven flora en fauna. Nu is alles  in een dwangbuis van de efficiëntie en rationaliteit. De supermarkt is het voedingsdomein geworden alsook de industrie te veel voedselproducten naar zich heeft toegetrokken zodat manipulatie van voeding inmiddels een feit is.
De bemoeizucht van de overheid, in alle segmenten van de samenleving,  benoem  ik  als irritant.  Individuele zelfstandigheid wordt kennelijk niet op prijs gesteld. De regelneven hebben voor alles én voor iedereen regels gemaakt omdat ze denken dat de wereld maakbaar is. Mijn zelfstandigheid wordt daarmee geweld aangedaan. De bureaucratie is het wapen van de ambtenaar om de burger op afstand te houden. Ik heb hun regels niet nodig, zei hij op besliste toon. Dat is echt irritant.
Vroeger werd de jonge medicus  nog huisarts uit roeping en was de dominee en de pater bijna een huisgenoot die met raad en daad de mensen bijstond. Het belang van de kerk werd  benadrukt, ook  uit eigenbelang natuurlijk,  maar daarnaast had de kerk een  charitatief  en sociaal karakter. De kerk voelde zich vaak verantwoordelijk voor arme gezinnen. De Rooms-katholieken hadden een hechte band ook al was er zeker onder hen een rijke klasse.
Er is een duidelijk onderling verschil in intelligentie dat als een gegeven moet worden aangenomen. De minder getalenteerde, zoals Anton Geesink dat noemde, komen vaak, buiten hun schuld,  in een achterstandspositie  terecht en dát is uitermate frustrerend.  Deze mensen zijn vaak, en soms langdurig, afhankelijk van de meer getalenteerde, en dat feit wordt niet  ernstig genoeg begrepen.  Goed leiding geven, zonder een opportunistische achtergrond  kan werkelijk wonderen verrichten,  want , die mensen zijn vaak zeer handig, waarmede die mensen ook een goed humaan bestaan kunnen opbouwen en zelfstandig kunnen zijn om hun eigenwaarde te behouden.

De huidige bewoners in de  grote steden zijn, door de maatschappelijke systemen, volkomen vervreemd  van de natuur. Zij zijn volledig stedelijk geïntegreerd, en zich volkomen ongemakkelijk voelen in de natuur  en zelfs  geheel onaangepast. Dat is naar mijn mening maatschappelijk ontwrichtend en onwenselijk omdat de integratie van de nieuwkomers in Nederland een andere geschiedenis hebben en de gewoonten afwijken van die in Nederland gebruikelijk zijn. Waarden en  normen worden ander geïnterpreteerd.

Ik kon vroeger,  met een lange spijker aan een stokje gebonden  bij het afgaande tij aan het strand, nog snel een paar grote schollen prikken of een netje vol garnalen scheppen en het gehele weekeinde  was er dus zeer voedzaam eten op tafel met het plezier van een “eigen vangst”.
Dat is nu niet meer mogelijk, Door vervuiling en industrieel overbevissing, ook het gevolg van een reële overbevolking  als ook het te hoge welvaartsniveau, is voor een  aanzienlijk deel verantwoordelijk voor de achteruitgang in leefbaarheid, voor zowel dieren én mensen. Ik had vroeger nog “contact” met  moedertje natuur. De jeugd mist dat fenomeen. Dat gemis MOET worden herstelt. Zonder natuur geen bestaan. Heel simpel dus.
De druk op “de natuur” neemt onrustbarende vormen aan en klaarblijkelijk is de massa voor meer materiële welvaart dan voor het behoud van de natuur. “Eigen verantwoordelijk geeft ook vrijheid”. Dat is mijn “statement”.

De onderklasse zal straks als Eerste de beperkingen in mobiliteit aan de lijve ondervinden omdat brandstoffen onbetaalbaar zal worden. Bij schaarste, zullen de prijzen stijgen. “Men” zal ook moeten begrijpen dat “de melk” van “de koe” komt en niet uit de supermarkt.
Een  koe  moet in vrijheid in een  weiland  kunnen grazen. Dat vind ik een natuurlijke noodzaak en ik wens op dat punt geen compromissen te sluiten.
De jeugd mist het natuurlijke element van het  avontuur en wordt nu bedolven onder de cadeautjes van welvaart en overconsumptie. Opvoedkundige elementen zoals het touwtjespringen,  hoepelen, het putsvoetbal is bijna onmogelijk geworden en eieren rapen in het voorjaar is inmiddels verboden. Ook die vrijheid moet worden herstelt in samenhang met een bevolkingsvermindering: dat laatste is harde noodzaak. ER zijn inmiddels meer dan 7.357.367.467 mensen op aarde: dat is vragen om moeilijkheden.
Het  kamperen bij de boer of  overnachten in de stal was een feest in een  beleving van vrijheid en zonder discipline kwam je vanzelf in moeilijkheden terecht. Natuur werkt corrigerend op gedrag. Dom en roekeloos gedrag in de natuur straft zichzelf.
Je kon vroeger zonder angst in het bos wandelen waar de vogels nog in overvloed aanwezig waren. Het konijn en de haas, toen nog  groot in aantal,  dreigt nu  in Nederland uit te sterven.
Als een jager vroeger tien konijnen doodde, en deze verkocht, had dat geen enkele invloed op het konijnenbestand.
Vervuiling neemt  megavormen aan en de crisis van het fosfaat in de zestiger jaren van de vorige eeuw, was een verhaal apart.” De bijen hebben het ook zwaar. het bestrijdingsmiddel ” Neonicotinoïde”  is een ernstig gevaar voor de onvervangbare Bij. ”
Een van de jongens, met op zijn hoofd een scheef zittende pet, interrumpeert.
Hij kucht even en neemt een slokje bier.
“Uw generatie heeft voor een groot deel  voor materiële welvaart gezorgd en dat had ook een negatieve zijde, namelijk “de vervuiling”.
Het is natuurlijk niet eerlijk om “dé vervuiling”, op de jeugd af te schuiven. De  welvaart  willen we allemaal toch  graag en daarbij maakt niemand zich zorgen over onze “habitat”. Iedereen denkt van, na mij de zondvloed.
Zei Lodewijk de XIV, de Franse Zonnekoning, niet eens, “aprés nous le déluge”, toen hij een opmerking kreeg dat hij een verkwistend hofleven had?

De consequenties van ons gedrag heden, nopen ons dat we dát niet meer kunnen  zeggen omdat er nu pesticiden en vele andere chemische stoffen gebruikt worden die het milieu ernstig aantasten en soms al onherstelbaar is. In de tijd van de Zonnekoning,  moest  de “industriële revolutie” nog beginnen.
We moeten nu  denken dat door ons gedrag dieren uitsterven en plantensoorten verdwijnen. Dat is onaanvaardbaar: absoluut onaanvaardbaar.
Uw generatie is daarvoor een groot deel verantwoordelijk door die industriële revolutie van voor en na de tweede wereldoorlog.
“Professor”,  geschiedenis is filosofie en lerend van voorbeelden. U heeft enkele maten gezongen uit een klaaglied waarin het “lacrimoso” te cerebraal is.” De jongen nam weer een slokje bier en vervolgde zijn  betoog:
Economisch, juridisch en politieke integratieprocessen zijn soms zo ingewikkeld dat leiders van politieke partijen gespeend zijn  van elk gezond inzicht om die processen te doorgronden en de politieke constellatie daarbij aan te passen op bruikbaarheid met in acht neming van ons aller ” habitat” .
Bij de op dat tijdstip aan de macht zijnde politieke partijen zijn  partijdogma’s tot een programma verworden en zij  beseffen niet wat ze aan het doen zijn. Voor iedere verkiezing worden er beloften gedaan die niet worden waargemaakt.  Huidige politici kunnen liegen en bedriegen wat ze willen. Het zijn dogmatici in een “kartel” en elkaar de bal, de baantjes, toespelen.
Dat is ook met de invoering van de Euro gedaan. De mensen werden voor een “fait accompli” geplaatst. Griekenland heeft onjuiste informatie gegeven omdat het land, gierend van corruptie, een  groot tekort op de betalingsbalans had. Het stabiliteitspact  DE UMO, staat nu op springen.  De mediterrane landen zijn probleemlanden geworden, zoals Italië, Spanje en Portugal. Bulgarije en  Roemenië moeten we ook niet vergeten.
In Spanje is de werkloosheid al gestegen naar 31% van de werkende bevolking en van  de jeugd is meer dan 57% werkloos. Dat is een drama en voorlopig zal daarin geen verbetering komen omdat economische groei uitblijft en waarschijnlijk ook  niet meer wenselijk is omdat eerst de overbevolkingsproblematiek moet worden aangepakt.
Daar hebben  de sociaal democraten  én de liberale tegenhanger schuld aan
De theoretische conceptie van de verzorgingsstaat, dat na de tweede oorlog  van de tekentafel kwam,  is ontstaan  uit  kennis van geschiedenis en is nu te ver doorgeschoten in zijn  praktische uitvoering: en dat is ook een ernstige vervuiling van ons geestelijk milieu.  We zullen  een pas op de plaats moeten maken, daarvan is iedereen wel in noodzaak overtuigd. Maar, hoe en wanneer maken we die “pas op de plaats?” De verkiezingen van 15 maart  2017 zal de waarheid boven tafel halen. De kredietcrisis gevolgd door een economische recessie is nog heel lang voelbaar voor grote bevolkingsgroepen en het bedrijfsleven in het bijzonder. “
De jongen wilde gaan zitten maar ging  weer staan  en zei: “Geschiedenis en sociologie, met bijscholing aan de juridische faculteit,  geeft voldoende houvast om eventueel een politieke loopbaan te beginnen”. De jongen ging nu zitten. Er volgde een applaus van zijn vakantievrienden. Hij lachte uitbundig en dronk zijn bierglas verder leeg.

De leraar smulde van de hem geboden tegenstand: hij ging staan  en hij antwoordde:
“Ik  ben blij  iets  te horen van de jeugd  om de oudere generatie er “van langs” geven.  En terecht. Vooruitgang was vroeger ons motto en daarbij werd niet gedacht  aan de consequenties, de negatieve gevolgen, waaronder de ernstige vervuiling van het oppervlaktewater, en dat er enkele diersoorten door ons toedoen zijn uitgestorven. Hebzucht werd/ was een ziekte.
Uiteraard profiteert de jeugd van de aangeboden welvaart, maar ze zullen zich moeten afvragen of dat altijd zo kan doorgaan.  Voor hen is continuïteit  in welzijn, in een gezonde wereld,  belangrijker dan meer materiële welvaart. De  “spes patriae” zal het nu moeten doen en ze zullen moeten beseffen dat de welvaart niet meer vanzelfsprekend is.
De schaduwzijden van ons  hoog  “levensniveau” beginnen zich af te tekenen en dat zal zeker op korte termijn een paar zeer frustrerende dilemma’s  opleveren waarop  politici  nu  geen antwoord  kunnen formuleren. De kredietcrisis zal ook nog lang nawerken in ons dagelijkse leven.
Ik zal enkele onderwerpen noemen die zeer ingrijpende gevolgen kunnen hebben op de maatschappelijke processen en het levensniveau van ons allen. Ik kan mij nog enkele onderwerpen herinneren, die ik  als een notitie opgaf bij maatschappijleer,  voor uitwerking ná de les,  De juiste volgorde weet ik niet meer, maar enkele leerlingen vonden mijn onderwerpen schokkend, omdat hun toekomstperspectief dan wordt aangetast.  De punten die ik noem plaats ik onder de noemer “overlevingsstrategie”.

1e       Het inleveren van welvaart, in de vorm van minder inkomen, bij de hoogste sociale  klasse, is onvermijdelijk. Het moet  als voorbeeld  dienen voor  anderen. Dit is een eerste en noodzakelijke psychologische  stap. De psychologische effecten zijn van belang.
2e      In consensus van maatregelen, die nodig zijn  ter zake bevolkingsaanwas, respectievelijk  teruggang in getal.( Bijv. afschaffing van de Kinderbijslag.) Een pikante kanttekening is dat er op 1 april 2004, 16 270 742 geregistreerde Nederlanders waren, op exact 10.20 uur en 2 seconde. De Nederlandse bevolking groeit met gemiddeld 240 personen per dag. Of dat ook `zo blijft zal de tijd leren.
3e      Ieder individu moet verantwoordelijkheid zijn voor zijn   gezin, werkzaamheden, milieu, mobiliteit én consumptie,  dat in overeenstemming is met milieucapaciteiten om duurzaamheid te garanderen. (een eigen tuin om groente te kweken enz. Moet gestimuleerd worden en oude kweekmethoden [1930 of eerder] in ere herstellen.
4e      Milieu belastende producten, zoals pesticiden,  moet worden verboden.
5e      Verbod  bio-industrie op grote schaal.  Geen legbatterijen en geen kalverenmesterij of varkensmesterij en zeker geen “megastallen”. Geen import van genetisch gemanipuleerd voedsel. Landbouwproducten zoveel mogelijk in de regio produceren op “oude wijze”.
6e      Investeringsmaatschappijen moeten aan banden worden gelegd en de invloed van het  IMF, banken en verzekeringsmaatschappijen moet drastisch verminderen zonder annexatie.  Het kapitalisme zal nog slechts een gematigde invloed mogen hebben zonder dat we vervallen in een socialistische staat en dat wil ik zéker niet. Een gestuurde economie zolang er schaarste is in ongeacht welke basisvoorziening. Hebzucht moet aan banden. Marktwerking zal afgeremd moeten worden, waardoor ook de verspilling zal afnemen. Enige vorm van concurrentie is noodzakelijk. Het ideaal om echt rijk te willen worden zal  minder mogelijk zijn. Illusies moeten plaats maken voor realiteitszin. De aanslag op de natuur moet onmogelijk worden gemaakt. De Aarde is ons huis en daarop is alleen leven mogelijk bij optimale conditie.
7e      Anticonceptiva gratis beschikbaar stellen.  Bij ongewilde zwangerschap is abortus, in overleg met de arts, toegestaan. Bij een tweede ongewilde zwangerschap moet het meisje alle kosten zelf betalen. Ze heeft dan  volledig verhaalrecht op de verwekker.
8e       Zéér uitgebreide seksuele voorlichting  op jonge leeftijd. Bijv. vanaf 10 jaar. Tienerzwangerschappen moeten kunnen worden voorkomen. Openheid bij seksualiteit is dus noodzaak.
De medische wetenschap moet zich meer  richten op het gezond houden van mensen en niet ieder individu, met ernstige afwijkingen,  dat bij geboorte aanwezig is,  of  wel op zeer oudere leeftijd ontstaat en de kwaliteit van leven   dan nihil is,  in leven laten of dat leven dan zo nodig nodeloos verlengen.  De natuurlijke selectie moet weer toepasbaar zijn om een instandhouding van sterke mensen  te realiseren. (Het is uitermate kwetsend voor de zwakkeren, maar wel de waarheid. Eventuele associaties met de jaren 1940-1945, onder Hitler, in Duitsland is onzin. Criteria waaraan het zelfstandige  leven ten minste moet voldoen moet door  niet minder dan10 artsen, uit binnen en buitenland worden opgesteld. De criteria zullen dan algemeen zijn.
9e      De ambachtsscholen opnieuw invoeren. Eenvoudige ambachten noden herintroductie. Stageplaatsen uitbreiden  en langduriger maken.
10e    De woningmarkt moet zo snel mogelijk de schaarste opheffen door veel woningen te bouwen in het bovenste segment van duurzame kwaliteit.  De regelgeving is evenwel zo complex dat de bouwsector het overzicht kwijt is want de bureaucratie en de grondprijzen werken verlammend.  Daar zijn de Gemeenten debet aan. Doorstroming is nodig, zodat ook de man met de kleine beurs een woning kan kopen, die zoveel mogelijk zelfstandig, zonder afhankelijkheid van de overheid,  moet leven. De schaarste aan goedkopere woningen zal dan afnemen.
11e   Lasten op woningen, bijvoorbeeld, de Onroerend goed Zakenbelasting  moet men onmiddellijk afschaffen. Woonlasten moeten beperkt worden en subsidies uitsluitend gebruiken in noodgevallen.
12e    Inkrimping van het ambtelijke apparaat  moet onverbiddelijk en onmiddellijk  in gang worden gezet, omdat “de bureaucratie” een onevenredig groot deel van het  Bruto  Nationale Inkomen opslorpt. 950.000 ambtenaren op een bevolking van 17 miljoen is absurd.
13e    De nog te bouwen huizen zullen groter moeten worden zodat kinderen langer thuis kunnen blijven wonen en zo nodig hun ouders tijdelijk kunnen verzorgen. ( Deze trend is al ingezet uit noodzaak)
14e    De gehele “subsidiepot” zal herijkt moeten worden en de onderste belastingschijf zal naar onderdelen moeten worden bijgesteld zodat
voor een deel de subsidies kunnen worden afgeschaft, waarmede tevens de bureaucratie kan worden aangepakt. De ontwikkelingshulp moet zich beperken tot noodzaak en mag geen deel uit maken bij het buitenlandse beleid of een onderdeel zijn van partij politieke dogma’s.

Voor zover ik het nog niet over een volledige immigratiestop heb gehad, meen ik dat Nederland er niemand meer bij kan hebben omdat Nederland letterlijk en figuurlijk wordt vertrapt. 485 mensen per Km2 is absurd.

Dit zijn mijn belangrijkste punten maar het is zeker niet volledig.  Overigens, geen enkele revolutie slaagt er ooit in, “het oude”  geheel af te schaffen: maar geen enkele revolutie kan ooit geheel ongedaan worden gemaakt. Ik  vind deze opsomming  zeker “revolutionair” omdat de noodzaak daartoe in de zeer nabije toekomst zal worden afgedwongen door de omstandigheden.

Ik bedoel, uiteraard,  dat er een herstellend beleid moet worden ingevoerd om duurzaamheid te bewerkstelligen zonder dogma’s en  socialistische stokpaardjes, en daarnaast is een bevolkingspolitiek een harde  eis. De aarde wordt letterlijk “kaalgevreten”.  Immigratiestop zal onverbiddelijk en zonder compromissen moeten worden ingevoerd.

Het zal voor de werkgelegenheid vooralsnog eerst grote consequenties hebben. De werkloosheid zal  gigantisch worden.  Natuurlijke factoren zullen alle spanningen langzaam elimineren en naar een  lager levensniveau brengen van het maatschappelijke leven.  Als liberaal erken ik dat we het liberalisme even op een kapstok zullen moeten hangen of een zéér gematigde liberale koers kunnen introduceren. Overvloedigheid is dan historie.
De leefbaarheid staat nu op het spel, onderschat dat niet. Een leefbare samenleving geeft  ook vrijheid dat de voorkeur heeft boven een geütiliseerd juridische samenleving waar materialisme hoofdzaak is.

Redelijkheid en  discipline zijn  absoluut noodzakelijk. Er is geen tijd voor taboeïsering van  problemen die nu op ons afkomen.
Als duurzaamheid  ook langs andere wegen kan worden verwezenlijkt,  is uitwerking van die plannen zeker de moeite waard en alsdan zal het karakter algemeen kunnen zijn. Maar, vermindering van  het inwonersgetal is een harde voorwaarde en “zonder compromissen”.
Mijn huisarts vertelde mij, zeker vijfenvijftig  jaar geleden dat niet alle individuen, met een ernstige aangeboren beschadiging,  zoals “spina bifida” of ernstige spasmen,  in  leven moeten blijven. Natuurlijke waarheden zijn weerbarstiger dan men denkt en de prijs zal zeer hoog worden als humaniteit en geloofsprincipes  voorop staan.   Nu, in 2012 zijn de kosten voor de gezondheidszorg zo hoog  dat deze zorg onbetaalbaar dreigt te worden. Het roer moet om. Of we blijven het leven heilig vinden ( het leven is heilig als we de natuurlijke selectie accepteren)  – of de prijs zal zo hoog worden, dat niet alleen de leefbaarheid op het spel komt te staan,  maar de gezonde mens wil die hoge prijs niet meer  betalen.
De sociale cohesie blijft alleen in stand als de redelijkheid van bepaalde maatregelen goed worden uitgelegd.
Het leven moet, in alle rechtvaardigheid,  beschermt worden, maar, niet ten koste van alles. Bijv. mensen met een ernstige neurologische afwijking en comapatiënten  zullen  ongelooflijk veel geld en moeite opeisen terwijl de prognoses in feite ook op korte termijn, in de meeste gevallen, ongunstig is.  De politiek zal een antwoord moeten vinden  en een overlevingsstrategie ontwikkelen, want… dilemma’s kunnen als een SPLIJTZWAM  werken tussen verschillende maatschappelijke stromingen en organisaties.
Er zal nu en dan een soort politieke ”compliant force” moeten worden aangewend om de noodzaak van realiteitszin te laten inzien. De “zachte, maar dwingende” hand, werkt soms verbluffend. De uitwerking  en de taak daarvan is een opdracht aan “de politiek”. Een politieke consensus is te verkiezen boven een eenzijdig opgelegde zachte meerderheid van 50% pus 1.
Overigens, ik ben voorstander van een gezondheidszorgsysteem dat voor iedereen toegankelijk moet zijn als men ernstig ziek wordt. De gezondheidszorg, zoals dat door minister Hoogervorst is ontwikkeld,  zal de concurrentie  in de medische sector, dat ook al te maken heeft met het “Diagnose Behandeling Combinatie”,  niet efficiënt maken  en zelfs prijsopdrijvende is. Dat DBC systeem blijkt  een zeer bureaucratisch van aard: de negatieve zijden daarvan zijn, als een patiënt wordt opgenomen in een ziekenhuis, duidelijk zichtbaar.

Bureaucratie ( bureaucratisme) werkt verlammend bij economische en persoonlijke verhoudingen.  Hoge salarissen en het bonus- systeem uitbannen.  De zorgsector moet geen aandeelhouders hebben. Het is, naar mijn mening, een taboe omdat winstdeling alleen maar tot premieverhoging zal leiden. De zorgsector is beslist geen “marktpartij”. Immers: de premie wordt gedwongen opgelegd.
De “professor” pakte zijn glas en dronk rustig zijn bietje. Hij kek eens om zich heen en glimlachte/

De jongens keken “met grote ogen” naar de oude baas. Ze  waren zeer onder de indruk van het feit dat hij bij de rationele gedachten het subjectieve niet afwijst.
De oude baas vervolgd zijn betoog.
“Subjectiviteit is in mijn ogen onlosmakelijk verbonden met rationaliteit, anders vervallen we in situatie zoals dat in Duitsland, bij de nationaal socialistische bewegingen het geval  was. Dat wens ik onder geen enkel beding,” zei hij: alsof hij de gedachten van de jongens kon lezen. En natuurwetten moeten worden gerespecteerd  en men moet bewondering hebben voor alles wat leeft is een “must”.

“U heeft zeker  sociologie gestudeerd”, vraagt de jongeman met de scheve pet. Als ik  U zo hoor dan bent U wel erg drastisch en kwetsend voor veel mensen. U wil een natuurlijke selectie. Waren de nazi’s ook niet behept met  rassenwaan en moest er een ras “Ariër” worden voortgebracht. U bent zeer onfatsoenlijk”.
“Nee, nee, ik was  leraar biologie, met  sociologische interesses, en ik heb vakmatige belangstelling voor de volksgezondheid, zowel de moraalfilosofie  als wel biologisch/ fysiologisch,  en  ik ben  me,  na mijn pensioennering, gaan verdiepen in de politieke aspecten  van processen die naar  duurzaamheid leiden. Door onze welvaart zijn we de duurzaamheid vergeten.
Harde realiteit maar ook de redelijkheid  staat  bij mij voorop. . Dat ik aan rassenwaan lijd is natuurlijk absolute onzin. Rassenwaan is en hersenspinsel van gestoorde mensen en wat ik bedoel is dat de natuur selecteert en dat moeten we niet verstoren, ook al zijn sommige wetten der natuur tegen onze zin en het medelijden hebbende fenomeen dat soms barmhartigheid wordt genoemd.
.”Moedertje natuur kent geen gevoelens van humaniteit”.. De sterkste mag en moet overleven. Een voorbeeld illustreert de hardheid van de overleving. Bij een scheepsramp zal de sterkste het langer volhouden bij het te water geraken dan een zwakkere. Hoe je dat ook went of keert, de sterkere wint. Als wij  de humanitaire principes strikt  toepassen  zullen er alleen maar verliezers zijn. In het dagelijkse leven zijn de medische en farmaceutische mogelijkheden  zo overweldigend dat  niemand  nog nadenkt  wat de consequenties zijn als een resistente bacterie, of een gemuteerde  virus, de overhand krijgt. Bij een ernstige infectie ontsnapt dan niemand  meer aan de man met de zeis. Het is hard maar wel de waarheid. Doodgaan is een zeer onaangenaam feit, dat ons allen zal treffen.

“ Je zou kunnen zeggen dat we de waarheid niet meer kunnen verdragen”. De welvaart heeft ons zwak gemaakt en vooral onrealistisch bij standpunten die indruisen tegen de realiteit. Fantasie en “wishful thinking” is het gevolg.
Een enkele maal heb ik ervaren dat mensen zelfs de dood niet erkennen of er niet over willen praten omdat hun “pretgevoelens” verdwijnen. Uiteraard is dat ziekelijk en die gedachte valt buiten ieder gevoel en gedachte  van realiteit.

“U pleegt zo politieke zelfmoord, zegt de sportief uitziende jongeman plotseling.  Ik ben bang dat Uw standpunten  als morbide of als idioot  worden bestempeld. Uw initiatieven lijken mij politiek onhaalbaar, afgezien van de noodzaak tot ommekeer naar consumptief gedrag.  Wat mij overigens opvalt,  is het feit dat U eigenlijk geen onderscheid maakt  in politieke gezindheid. De liberalen zullen één en ander ondeugdelijk en  als onhaalbaar kwalificeren. De sociaal democraten vinden er een vorm van collectivisme in terug  en de meer confessionele partijen kunnen zich mogelijk in  hun principiële standpunten aangetast voelen, zoals bij abortus, euthanasie en de wil van God ontbreekt in dezer gedachtesprong.

De jongen gaat er zelfs bij staan en zegt:
“Maar…….het wordt wel een ramp als het “onbespreekbaar” is en in taboesfeer  de realiteitszin zal verdringen en “men”rustig verder hobbelt naar de ondergang. Maar als realiteitszin bij “de jongeren” wordt begrepen is er hoop voor de toekomst, want de harde realiteit kan ons redden.”

Hij wrijft eens door zijn haar, kijkt een beetje omhoog en zegt:
“In Uw visie, professor, krijgen de extreem rechtse partijen geen “goodwill” van U  en extreem links   zal zich misschien aansluiten bij de sociaal democraten. Het  conservatief deel van Nederland noodzaakt  zich aan te passen. De duurzaamheid wordt omarmd.  Terugkeer naar de middeleeuwen is uiteraard een utopie, maar de kreet  “terug naar de toekomst”, zal in het veld  misschien weerklank vinden.
De jongen gaat zitten en kijkt eens rond en merkt dat allen helemaal stil zijn van zijn bijzonder intelligente uiteenzetting.

“Je bent zeker politicoloog, concludeert de oude baas. Je exposé, begrip en de gevolgen van mijn initiatieven heb je goed begrepen. Je betoog is volwassen en het doet mij een genoegen dat ik in het gezelschap ben van een groep jongens, met een uitermate goede kijk op huidige maatschappelijke problemen, en die begrijpen dat  de “dilemma’s”  zeer spoedig op ons  af komen.
Als we  willen  overleven in redelijkheid, en vooral dan  de natuurlijke factoren een rol laten spelen, zullen we onze attitude binnen ons economisch bestel,  snel moeten veranderen.

Moedertje natuur is de baas, en wat zij beveelt  krijgt gelukkig niemand de schuld. Het  probleem is om het grote publiek te betrekken bij de  aanstormende  dilemma’s, en deze te wijzen op de noodzaak van de, zo op het  oog lijkende,  inconsequente wereldvreemde maatregelen.
De huidige bewoners van Nederland,  – en zeker ook in andere Europese landen,-  zijn verwend en gewend geraakt  aan luxe. Het aanpassingsvermogen zal inherent moeten functioneren om onaangepast gedrag te voorkomen, en om de  vrijheid beperkende maatregelen te  kunnen accepteren.  Dat je mijn opsomming van maatregelen “morbide” vindt begrijp ik volledig. Als we de bevolkingsproblematiek op de politieke agenda kunnen plaatsen zal de vrijheid toenemen met  minder aantal mensen.
Het algemene besef ontbreekt dat het ter zake “de overleving” betreft.  Het “pretparkgevoel”, dat versterkt wordt door de hoge welvaart en de medische verzorging, met daarbij de slogan,  “cliënten hebben altijd gelijk”, het voor de politiek het bijna een onmogelijke opgave zal worden  de massa tot een ander gedrag te bewegen. Ik denk overigens, dat ze geen keus meer hebben.

De politiek wacht een zware taak en de  democratisch constitutionele processen  zullen op de proef worden gesteld. Daaraan valt niet te ontkomen. De tijd van “pappen en nathouden” is voorbij.
Mijn grote angst is evenwel, dat opkomende emoties niet in de hand te houden zijn omdat de rede volledig  door die emoties zal worden overrompeld. Illusies zullen als een ballon uiteenspatten. Psychologen zullen handen vol werk krijgen”.
De oude baas is even stil en zegt:
“Ik  stel voor dat ik de heren nog op  een biertje trakteer.
En, als jullie nog even tijd hebben zou ik mijn gedachte nog willen ventileren omtrent mijn kijk op het huidige politieke  klimaat in Nederland. De bemoeizucht van “de Overheid” is mijns inziens pathologisch, en vooral de afnemende mentale weerstand van de bevolking baart  mij ernstige zorgen.”
Bij een ongeluk worden om de plaatst des onheil onmiddellijk afzettingen gezet opdat de burger geen inkijk kan hebben. Bij  een moord of overval worden er direct grote schermen geplaatst zodat de burger geen enkel zicht meer heeft op de plaats delict. Het is kennelijk een bewuste keus van justitie en politie de macht geheel in eigen hand te houden terwijl het een publiekelijke aangelegenheid is. Dat de politie sporen moet veilig stellen en/of objecten niet aan het publiek te tonen is een minachting. Het publiek zoveel mogelijk kennis laten nemen van de uitwassen der psychopathologie is een noodzakelijkheid. Een oorlog is ook waanzin en daartussen zit het publiek ongevraagd. Iedere kritiek van het Openbaar Ministerie wijs ik van de hand omdat deze niet begrijpt dat mentale weerstand een keiharde noodzaak is. Nu, dit even ter zijde.

Er wordt ineens  luid gelachen en af en toe kijkt en luistert iedereen  met belangstelling  naar de “professor” die zich het bier goed laat smaken.
Het is een warme dag en dan wordt er in de vakantiecentra het bier rijkelijk geschonken. De vrouw van de leraar is in gesprek geraakt met een jonge vrouw aan de andere tafel, en het kind, dat op haar schoot zit,  begint zich te vervelen. Het slaat met de handjes pardoes een glas van de tafel. De ober komt aansnellen en maakt de tafel weer schoon.
Er is een algehele hilariteit.  Het kind wil van schoot af en schopt tegen de rand van de tafel waardoor  wederom enkele glazen omvallen. De moeder van het kind staat op en groet de anderen, ze zet het kind op de grond en langzaam lopen ze in de richting van het strand.

Alle jongelui zijn om de grote ronde tafel komen zitten waar ook de leraar en zijn vrouw plaats hebben genomen.
De ober geeft iedereen nog een biertje en er wordt een ruime hoeveelheid pinda’s  en andere noten op de tafel gezet. De oude leraar wenkt de ober en zegt dat hij de rekening zal betalen. De jongens zijn stil en ze verwachten kennelijk nog een paar interessante  onderwerpen te mogen aanhoren om ondertussen van de pinda’s te kunnen genieten.
De oude baas legt zijn ellebogen op de tafel en de toppen van zijn vingers raken elkaar. Hij kijkt eens rustig om zich heen en merkt dat iedereen stil is, waarna hij begint.
“Ik heb kennelijk nog wat ruimte om aandacht te krijgen en ik zal nog een beetje filosofisch de onderwerpen benaderen.
“Dat mensen mentaal ziek kunnen worden  komt door de situatie van onleefbaarheid, zoals dat in grote steden nu het geval is, waar mensen van verschillende etnische afkomst, gedwongen worden  samen te leven, is alom bekend. Overbevolking is daar zeker debet aan en dat moeten we niet onderschatten.
Cultuurverschillen zijn soms zo groot,  dat daardoor spanningen tussen  etnische groeperingen een onvermijdelijk gevolg is.  Politici onderschatten, mogelijk uit onmacht, dat het aanpassingsniveau van zeer veel mensen laag is dat tot uiting komt bij agressie en de sociaal- pathologie zal grimmig worden.
Als inwoners van een grote stad voor het “fait  accompli” worden gezet, op ongeacht welke wijze, dan raken de mensen gefrustreerd.
Het is een illusie te denken dat er op korte termijn  een  verbetering in verstandhoudingen komt en van “Chauvinisme” zullen we de immigrant zeker niet kunnen “betichten”.

De toekomst is zeker verontrustend.  Mensen die een linkse politieke signatuur aanhangen,  zijn er nog steeds van overtuigd dat meerdere culturen binnen een maatschappelijk systeem  kunnen samenleven onder een puur laïcistisch concept in  een democratische rechtstaat. Dat is namelijk onmogelijk als er te veel religieuze groeperingen zijn.
Het  multicultureel dogmatische  is eigenlijk gebaseerd op denken in droombeelden.” Gelovigen geloven in wonderen, maar,  wonderen bestaan niet. Het Duitse gezegde:” Das Wunder is des Glaubens liebstes Kind”, blijkt ook bij “multiculturalisme” te werken.

Het inburgeren, zoals velen dat voorstaan zijn slechts pleisters op een houten been.
Onafhankelijke politieke invloeden welke de problemen, die op ons afkomen, moet beteugelen, is verwaarloosbaar omdat politici geen kennis én geen lef hebben om die problemen te elimineren of in goede banen te leiden. Machtsovername door, met name multinationals, en het grootbedrijf,  is een nieuwe ontwikkeling  waardoor de regelaar ( de politicus) nu de slaaf is geworden van het “turbokapitalisme”.
De slaaf likt nu de hielen van “Mercurius”, de Romeinse God van handel en winst,  ter overleving van de soort.  Ambtelijke consolidatieprocessen is een onuitroeibaar fenomeen en daarnaast is In alle lagen van de samenleving  de “manager” een spil geworden en steeds meer  “een last dan dat het past.” Het management is ziekelijk van aard.
Op alle niveaus bedrijfsmatig handelen in de samenleving, is zéér onwenselijk, omdat de onderlinge menselijke verhoudingen worden aangetast, waardoor de leefbaarheid ernstig  afneemt.
Mensen willen gewoon zichzelf zijn en niet op zakelijke basis de  maatschappelijke en culturele evenementen  beleven. Zakelijkheid is voor een overgroot deel van de bevolking niet weggelegd. Men kan het eenvoudig niet.
Ik kom tot de conclusie, na een analyse van verschillende maatschappelijke en bedrijfsprocessen, dat er een mentale degeneratie optreedt en de nog aanwezige mentale krachten verzanden in een “softe”beleving van natuurlijke en maatschappelijke gebeurtenissen.
De kenmerkende symptomen zijn een algehele gevoelsvervlakking, dat zich uit in onverschilligheid en het onvermogen tot invoelen en zich verraad bij een eventualiteit, bijv. een ramp of een moord. Mentale mobiliteit beperkt zich bij de specifieke hulpverlening en de afbakening van de “Tatort”. Mensen worden niet meer betrokken bij bijzondere gebeurtenissen waardoor inzicht, initiatief en mentale flexibiliteit  tot het verleden behoord. Dat is onacceptabel. We zien het om ons heen dat mensen een monument willen voor een verkeersslachtoffer omdat men mentaal niet gehard is en de gevoelens van een verlies niet meer kan verwerken. Dus, rationaliteit en efficiëntie heeft een achterkant dat criminaliteit heet en kan dan worden ingedeeld onder de noemer “ sociaal Pathologie”. Ik denk dat ik nu even in herhaling verval maar dan is het dus twee keer gezegd.”
De “professor” gaat verder met zijn betoog.
“Verlies van een familielid of een vriend geeft verdriet en dat moet op een natuurlijke manier worden verwerkt. Vrienden en bekenden zijn daarbij uiterst belangrijk.
Gevoelsbeleving in en betrokkenheid bij  rampen versterkt de mentale gezondheid en is derhalve onmisbaar. Een zeezeiler weet dat moedertje natuur uiterst mild is, edoch, bij het tarten van haar krachten “Zij”  onmiddellijk terugslaat. Wie de krachten van moedertje natuur ontkent  daagt de bliksem uit en is de uitdager bij voorbaat de verliezer.

Het Openbaar Ministerie heeft een “sterk mentaal vormend deel” van de bevolking afgenomen voor eigen welzijn en aanzien, in een situatie, waarbij een noodzakelijke zelfverdediging gerechtvaardigd is, het slachtoffer wordt verplicht tot “proportionaliteit” en “subsidiariteit” tijdens zijn of haar fysieke verdediging bij een gewelddadige aanval op zijn of haar integriteit en/ of welzijn.
Hoe vreemd gedraagt het Openbaar ministerie zich: kennelijk is men onbekend met de natuurlijke factoren in het menselijk gedrag of deze zelfs volledig ontkennen
De eis van proportionaliteit ( Gepast geweld) en subsidiariteit ( een andere oplossingsmogelijkheid) is een oneigenlijke eis om een juridische interferentie (twee bewegingen die elkaar belemmeren)  te overbruggen om juridisch tot een sluitend geheel te komen.  De menselijke natuur wordt daarbij geheel buiten het  spel gezet omdat de menselijke natuur niet past binnen de procesvoering.
Is het gewoel der geesten bij het O.M.  om “zelfverdediging” te verwarren met het “eigen rechter spelen”? Het heeft niets met elkaar te maken. Het “eigen rechter spelen” speelt alleen bij vergelding, lang nadat  gevaar is geweken, en pas dan kan men zeggen:  ”Niemand kan rechter zijn in eigen zaak”:
Mijn conclusie is, dat het O.M. de crimineel beschermt. Het was immers een dogma uit de koker van het links intellectueel  politieke denken?”

“Hoe wilt U het dan juridisch rond maken,”vraagt een andere jongeman, die tot op heden niets heeft gezegd maar kennelijk door de vraagstelling juridische interesse heeft en misschien wel jurist is.
“Ik denk dat het juridisch niet  sluitend te maken is, gaat de “professor”  verder. Menselijke factoren zijn juridisch niet te beredeneren. Ze zijn slechts in situaties in te passen om een stelling,  of een veronderstelling, sluitend te maken of een causaal verband aan te tonen.  De begrippen “daderschap en causaliteit” hangen nauw met elkaar samen, maar dienen toch scherp van elkaar te worden onderscheiden. In de strafrechtspraak is dat toch ingewikkeld dan men denkt. Je hebt ook nog “schulduitsluitingsgronden” bij noodweerexces.

“Kunt U een voorbeeld noemen”, roept de jonge jurist.
De  oude man was even uit zijn evenwicht maar, hij herstelde zich snel.
”Nu, dat is niet zo eenvoudig. Ik ben geen jurist maar ik denk dat ik wel  een voorbeeld heb.
Bij  rechtelijke aansprakelijkheid komen vaak de woorden  “ontoerekeningsvatbaarheid” en “toerekeningsvatbaar” voor, dat duidt op een geestelijke en / of emotionele onvolwassenheid  en op geestelijke en / of emotionele  volwassenheid.
Dat zijn menselijke factoren die niet zijn te beredeneren. Dat moet worden aangetoond met een veronderstelde gesteldheid (constitutie) van een persoon om toerekening te laten volgen. Als iemand  zijn emoties niet onder controle heeft bij een gewelddadig feit waarvan die persoon het slachtoffer is,  dan mogen de betekenis van de woorden “proportionaliteit” en “subsidiariteit” nog zo duidelijk zijn, maar het slachtoffer is slechts bezig zijn leven en / of  welzijn  te verdedigen.  Hier zou het noodweerexces gelden als uitsluiting tot vervolging.
Die emotie als menselijke factor is ook niet te beredeneren, maar wel natuurlijk en gewenst.   Emotie heeft wel een juridische  plaats. Bijv. bij de “crime passionnelle”:  een moord uit hartstocht,”
De jonge met de scheve pet interrumpeert.

“Als U  de juristen van het O.M. onrustige geesten noemt, wat is het dan voor een mentaliteit van de medische stand om medische fouten te miskennen of stomweg te  ontkennen om de verantwoordelijkheid bij medische blunders te ontwijken?”
“Tja, medische blunders zijn onmiskenbaar aanwezig. Het is evenwel een andere grootheid omdat de medicus niet de fout vooraf maakt, maar tijdens de behandeling. Hij had niet de bedoeling een fout te maken.
Als de medicus  een fout maakt  en het  ontkent,  is dat natuurlijk niet goed te praten. Het zijn zeker geen onrustige geesten die alles bij voorbaat verzieken. Je hebt goede artsen en minder goede artsen.  Dat is evenzo bij economen het geval; een programmatige prognose geven bij economische vraagstukken gaat het vaak mis door een menselijk fenomenen die opgesloten zitten in het menselijke karakter. De econoom deed zijn best naar eer en geweten en  de opgedane kennis tijdens zijn studie aan de Universiteit hem daarvoor mogelijkheden heeft gegeven. Maar:
Het O.M. maakt de maatschappij beleidsmatig onrustig. In hun beleid wordt er van uitgegaan dat “hun onderdanen”incompetent zijn zichzelf te verdedigen. Het is een ongehoorde vorm van arrogantie, maar, vooral minachting voor het publiek dat ze moeten dienen. Voor zover ik mij kan herinneren heeft een LPF Kamerlid, de heer mr. Eerdmans, de tweede kamer gewezen op het feit dat het OM zijn eigen regels heeft, en dat is ook naar mijn stellige overtuiging, zelfs abject te noemen.”
Er volgt een stilte:

“Professor”, roept de jongeman met de grote bril op zijn tengere neus, mag ik U, ook namens de jongens, nog en biertje aanbieden of heeft U liever wat anders. Mevrouw wenst natuurlijk ook een heerlijke verkoeling bij dit warme weer”.
“Geeft U mij maar een advocaatje met slagroom jongeman”.
Er wordt luid  gelachen om het stereotype antwoord van de oudere dame.
De consumpties worden besteld en,  nadat de ober alles op de tafel heeft gezet,  heft iedereen met veel kabaal het glas.

Na het drinken wordt de “professor” gevraagd of  hij nog iets wil zeggen over de bemoeizucht in Nederland en de “helpindustrie”,  een element dat Nederland bijna failliet maakte.
De oude man glimlacht en zegt: “ik ben blij dat ik jullie kan boeien want het is een boeiende wereld. Hoewel het zeker ook negatief kan worden uitgelegd.
Bemoeizucht van de overheid op de levensinrichting van zijn burgers is vergelijkbaar met de gevolgen van  een “paralyse”. Initiatieven en inventiviteit nam schrikbarend af en dat werkte maatschappelijk verlammend in plaats daarvan kwam er een “opleuk- mentaliteit” .
Veel oude beroepen kregen een ander naam: liefst in het Engels.
Regelneven hebben alles al voor de burgers uitgedacht. In het onderwijs en bij de thuiszorg werd er door de vorige kabinetten ( Lubbers en Kok) gewoon een bestuurslaag tussen de bestaande organen geplaatst, dat een onvoorstelbare bureaucratie ten gevolge heeft had.
Leraren en directies van schoolinstellingen  draaiden volledig door. In ziekenhuizen werden  managers de regelneven en slokten een groot deel van de budgetten op.
Gelukkig is “men” er nu achter gekomen, na heel veel geld van de belastingbetaler te hebben weggesmeten, dat bureaucratie en overdreven regelzucht zich negatief laat vertalen.  De kosten, voor het bedrijfsleven, zijn zo  hoog geworden dat de concurrentiepositie  in gevaar is gekomen. Dat hebben ze niet willen inzien en juist die logica ontbreekt bij mij volledig omdat het een economische wetmatigheid is dat de kosten in het product worden verdisconteerd.

Nu we het toch over  geld rondsmijten hebben, herinner ik mij het rapport “Beter besteed”, dat  kritiek heeft op het “milieuministerie” en jaarlijks miljarden over de balk gooit.
Een voorbeeld: boeren mogen, na hun bietenoogst de meegekomen grond niet terugstorten en de al reeds miljoenen jaren in de grond zittende arsenicum, dat zo her en der voorkomt, moest door het milieuministerie als “chemisch afval” worden behandeld en derhalve gesaneerd  worden. 4000 hectare grond moest worden “geschoond”.
De geschatte kosten bedroegen 4 miljard euro.
Als belasting betalende burger maak ik mij  woedend daarover. Het belastinggeld wordt op een gewelddadige manier van de burger afgenomen. Hoewel ik er vóór ben dat er voldoende belasting betaald moet worden, is het ergerlijk dat het geld niet op een effectieve manier wordt besteedt. Ik heb wel eens de nijging te zeggen dat de gelden te gemakkelijk bij de ministeries komt.

“Ik heb U nog niet horen klagen over “ontwikkelingshulp”. Ex minister J. Pronk heeft er maar met de pet naar gegooid:”. Interrumpeert de jonge met de scheve pet op zijn hoofd: hij gaat er zelfs bij staan.
Dat vind ik  nu geld weggooien. Het was toen oncontroleerbaar en corrupte regeringsleiders in ontwikkelingslanden speelden er mooi weer mee. Daaraan ergerde ook  ik mij mateloos. Ik vond dat ziekelijk van  Jan Pronk. Zijn socialistische stokpaardjes heeft hij daarmee goed bereden.”
De jongen gaat weer zitten en drinkt wat van zijn bier.  Hij kijkt de “professor” aan en begint te lachen.

“Nu,  ik ben blij dat de jeugd daarover een gezonde mening heeft, zegt de “ professor”.  Wat ik zeker zou bijstellen, als ik minister van financiën was, is dat achterlijke belastingplan van dr. Vermeent en drs. Zalm. De vaste belastingheffing op vermogens bedraagt 30 procent over een fictief, door de fiscus vastgesteld rendement van 4 procent. Effectief komt dit neer op 1.2 procent van het totale vermogen. De inflatie was in 2001  4½ procent terwijl de spaarrente ver onder het inflatiepercentage lag. Ik noem dit  VERMOGENSROOF.”

De jongen met de scheve pet gaat alweer staan en hij vervolgt zijn “speech”.
“Ik meen dat Het Hof in Straatsburg dat niet tolereert gezien de uitspraak van Het Hof in een jaargang van  ”Décisions et Rapports Commission Européenne des trois de l’homme.”

De “professor”  was even stil en bijzonder onder de indruk van de kennis van de jongeman.  Hij schudde een beetje met zijn hoofd.  Het leek alsof hij zijn herinneringen even los wilde maken maar de oude baas  luisterde aandachtig.
Volgens uitspraken van Het Hof, * het niet toegestaan is,  dat leidt tot reële confiscatie van een deel van het eigendom van de belastingbetaler en dat oplegging van een ondraaglijke last en / of de verstoring van de financiële positie  ontoelaatbaar is *.

Ik vind het ziekelijk dat de fiscus ( het ministerie)   de rendementsheffing niet bijstelt. Och, ja, het melkmannetje zit ook aan de spenen van het vermogen te trekken, en zolang de koe niet brult laten ze het zo. Maar, eigenlijk is het ontoelaatbaar.
Er zijn zoveel onderwerpen aan te snijden die,  qua inhoud,  ziekelijk te noemen zijn maar eigenlijk een uitbuitend karakter hebben.
In de tijd van de kabinetten Kok  werkte de “uitkeringsfabriek” op volle toeren ter bevrediging van linkse dogma’s  Lange juridische procedures, gaven advocaten van linkse huize veel werk in de “immigratiefabriek” om die arme vluchtelingen een vluchtelingenstatus te kunnen geven. Dat er ook veel criminelen bij waren is inmiddels bewezen en dat  het beleid desastreus was weten we nu  heel zeker. De sociale zekerheid staat op springen.

Ex minister, mevrouw Drs. Rita Verdonk wordt nog steeds verguisd en er werden “cursussen” georganiseerd om effectief te kunnen protesteren tegen het uitzettingsbeleid van weleer. Zieker kan je het niet maken en deze “cursussen”  is domheid op zijn hoogtepunt. Haar herstellend beleid van Mevrouw Rita Verdonk was harde noodzaak.”
De jongen gaat weer zitten en zijn vrienden kijken hem met veel bewondering aan.

Je kon een speld horen vallen, zo stil was het  aan de tafel. De jonge jurist stond even op en zei:, “Professor, U heeft het gehoord. De jeugd heeft gelukkig nog kennis in overvloed” en is goed opgeleid”.
De “professor” ging ook staan en wenkte de ober om een versnapering te noteren voor iedereen die aan de grote ronde tafel zit.
Even later vervolg hij zijn “college”.
“Als leraar biologie weet ik dat mensen niet gelijk zijn en dat niet iedereen kan voldoen aan de hoge gestelde eisen. Het is, menselijk gezien, onjuist om van een zeer groot deel van de bevolking te eisen dat ze een universitaire graad moeten behalen. We moeten elkaar, intellectuelen, wetenschappers en het bedrijfsleven, nemen zoals we zijn. Het opleggen van eisen die uitgaan van “de maakbaarheid” is absurd en heeft slechts negatieve gevolgen voor de gehele maatschappij. Niemand is zijn eigen maker.
De maatschappij zal ook rekening moeten houden met de minder getalenteerde  die eist ook een menswaardig bestaan te kunnen hebben,  is zeker  juist.  Intellectuelen zullen zich er rekenschap van moeten geven dat moedertje natuur dat nu eenmaal zo gewild heeft. Daaraan is niets te doen. Het is cruciaal  dat de politiek zich dat zeer eigen moet maken en de maatschappij zo moet inrichten dat iedereen zich zelfstandig, op eigen niveau,   kan redden, uiteraard uitgezonderd de zieke en  hulpbehoevenden, zonder afbreuk te doen aan de harde realiteit. Wat de sociaal democraten, met medewerking van de VVD,  de afgelopen jaren hebben gedaan tart alle realiteit.  Doorgeschoten maatschappelijke,  eenzijdige en gedogmatiseerde  programma’s,   hebben ook de minder getalenteerde geen goed gedaan. Wijlen Prof. Dr.  Pim  Fortuyn bewees dat. Iedereen weet inmiddels hoe het hem is gegaan.
Naast de bemoeizucht is er een “afhankelijkheidsindustrie” ontstaan, in de vorm van subsidies en uitkeringen door nivelleringsprocessen, ontsproten aan de zieke breinen die het collectivisme hebben aanbeden, en de grote massa een “afwentelinggedrag” hebben bijgebracht. Ik noemde dat methoden uit  de voormalige DDR.
Ik ben bijzonder  kwaad geweest toen ik merkte dat per 1 mei 1989  homeopathische middelen in het zorgpakket werden opgenomen. Homeopathische middelen zijn geen geneesmiddelen. Ik heb nog een brief geschreven aan de “minister van volksgezondheid” om te vragen ook een “consult” aan “Jomanda” te willen vergoeden. Ik weet dan zeker dat de premies zullen stijgen en het faillissement van de zorgverzekeraars  spoedig een feit zal zijn.  Er zijn nog steeds kwakzalvers in overvloed. Hoe ziek is Nederland om de “wijze” raad van Jomanda ernstig te nemen.”

De jongeman met de scheve pet staat snel op en begint met zijn armen te zwaaien en roept: “ ik zal U instralen en  kunt U het bier nuttigen en als U steeds meer drinkt zal de uitwerking  “congruent” zijn aan de reactie van de instraling”.

De “professor” genoot zichtbaar en  hij begon uitbundig  te lachen.
Toen iedereen weer tot bedaren kwam zei  hij; “Zo, mijne heren, en dame natuurlijk, de les is voorbij, want…… de tijd is om.
Maar voordat ik in zee duik,  zeg ik U; ”laat U nimmer iets wijsmaken door wie dan ook en  zeker niet door het ziekelijke management.

Hun advies,  over premiedifferentiatie,  acceptatieplicht, geldstromen, proportionaliteit, budgetdiscipline, strategische akkoorden, virtuele reality, en kerngroepen van het functioneel organisatorisch planningssysteem, en de topreferentiefuntie  waardoor binnen het kader van het zwaartepuntbeleid  van de Raad van Bestuur een breed draagvlak gecreëerd moet worden”, is even belachelijk als hun aanwezigheid, want. Managers hebben, wat hun taalgebruik betreft, kennelijk niet door dat ze aan taalarmoede lijden. Als ze een salarisverhoging willen zeggen ze:” Een opwaartse correctie van het beloningspakket is inherent aan de functie”.

Allen konden hun lachspieren, na deze dwaasheid in taalkomedie,  niet meer beheersen en het gelach werd bijna ongeremd, waardoor ook omstanders hun lachspieren niet meer konden bedwingen. Het bier deed zijn werk.
“Le langage d’manager c’est le langage d’un hypocrite”, zeggen ze in Frankrijk, zegt een van de omstanders, in perfect Frans. ( De taal van een manager is die van een hypocriet)
Weer begint iedereen uitbundig  te lachen.

De jongen die zijn pet scheef op zijn hoofd had,  ging  weer staan, deed zijn pet af, en  boog zijn hoofd naar voren en bedankte de oude leraar voor het uiterst leerzame onderhoud. En, brulde hij, ik bied iedereen aan tafel een consumptie aan want mijn zakgeld is nog niet op en die supermanagers van U  zijn vermoedelijk ontstaan uit een morbide kruising tussen een seksueel ontremde computer en een futuristisch spoorwegboekje met drukfouten”: bulderend gelach was de reactie en een van hen proestte zelfs uitbundig.

“Tjonge, tjonge dat was me wat, zei een van de jongens. Argéles sur Mer heeft er een Hogere School voor politicologie bij “.
Iedereen begon weer heel hartelijk te lachen. Ook de “professor” begon bijna te dansen van plezier.
En……….. nu naar zee voor een heerlijke duik…….

A.R. Girbes sr

A.R. Girbes  november 2013.

Dit bericht is geplaatst in Actueel met de tags , , , . Bookmark de permalink.